Dit is een titel en kan je ook rechtstreeks aanpassen (gewoon hier klikken, en typen).

Schriftuitleg van zondag 4 december 2022.

Inleiding:

Elke zondag zal ik proberen de schriftlezingen uit de Rooms Katholieke Kerk van die dag uit te leggen op de wijze waarop ik ze begrepen heb. Dit is niet bedoeld als preek, of zoals het tegenwoordig genoemd wordt een homilie, maar enkel als uitleg. Van geen enkele Kerk heb ik toestemming gekregen om te preken, daarom mag mijn Schriftuitlegging ook geen preek genoemd worden. Maar toch meen ik de vrijheid te hebben om mijn begrijpen van de schrifttekst wereldkundig te maken. Natuurlijk hoeft u het niet eens te zijn met mijn uitleg. Elk mens is uniek. Zoals het licht de verschillende vormen ook verschillend terugkaatst, zo begrijpt elk mens de Schrift op een andere wijze, heeft een ander bevattingsvermogen. U begrijpt de Schrift misschien wel beter, of minder goed dan ik. Wat ik opschrijf is mijn eigen begrijpen. U mag er uw voordeel mee doen, of u eraan ergeren (liever niet, is slecht voor uw hart), of een totaal verschillende mening hebben. Begrijp mijn schrijven zoals het u behaagt. 

Schriftteksten: 


Eerste lezing Jesaja 11, 1-10

In die dagen zal een twijg ontspruiten aan de stronk van Isaï, een scheut aan zijn wortels zal vruchten dragen. De geest van de Heer zal op hem rusten, de geest van wijsheid en verstand, de geest van raad en heldenmoed, de geest van liefde en vreze des Heren, en deze vreze des Heren zal hij uitstralen. Hij zal geen oordeel vellen naar uiterlijke schijn, geen uitspraak doen op grond van geruchten. De kleinen zal hij recht verschaffen, een eerlijk vonnis spre­ken over de geringsten der aarde, maar de uitbuiter zal hij striemen met de gesel van zijn mond, en de boosdoener doden met de adem van zijn lippen. Gerechtigheid wordt de gordel om zijn heupen, onkreukbaarheid de band om zijn lenden. Dan huist de wolf bij het lam, vlijt de panter zich neer naast het geitje, grazen te samen het kalf en het leeuwenjong, een kleuter kan ze weiden! Koe en berin hebben vriendschap gesloten, hun jongen liggen naast el­kaar, en de leeuw vreet hooi met het rund. De zuigeling speelt bij het hol van de adder, en het kleine kind steekt zijn handje in het nest van de slang! Dan zondigt niemand meer, doet niemand meer kwaad op heel mijn heilige berg, maar zal de gehele aarde vervuld zijn met liefde tot God, zoals de zeebodem bedolven is onder het water. Op die dag zal de wortel van Isaï opgericht staan als banier voor de volken: alle naties zullen naar hem toestromen. En zijn troon zal luisterrijk zijn! 


Tweede lezing Romeinen 15, 4-9

Broeders en zusters, alles wat eertijds werd opgeschreven, werd opgetekend tot onze lering, opdat wij door de volhar­ding en de vertroosting die wij putten uit de Schrift, in hoop zouden leven. God, die de volharding en de vertroos­ting schenkt, verlene u ook eensgezindheid in de geest van Christus Jezus, opdat gij één van hart en uit één mond de God en Vader van onze Heer Jezus Christus moogt ver­heerlijken. Aanvaardt daarom elkander als leden van één gemeenschap, zoals ook Christus ons in zijn gemeenschap heeft opgenomen, ter ere Gods. Ik bedoel dit: ter wille van Gods trouw is Christus dienaar geweest van het joodse volk, om de beloften aan de aartsvaders waar te maken; maar de heidenen moeten God verheerlijken om zijn er­barming, volgens het woord van de Schrift: ‘Daarom zal ik U loven onder de heidenen en uw naam met psalmen prijzen´. 


Evangelielezing Mattheüs 3, 1-12

In die tijd trad Johannes de doper op en predikte in de woestijn van Judea: ‘Bekeert u, want het rijk der hemelen is nabij. Deze toch is het die de profeet Jesaja bedoelde, toen hij zei: ´Een stem van iemand die roept in de woestijn: bereidt de weg van de Heer, maakt zijn paden recht’. Johannes nu droeg een kleed van kameelhaar en een leren gordel om zijn lenden. Zijn voedsel bestond uit sprinkha­nen en wilde honing. Toen trok Jeruzalem, Judea en heel de Jordaanstreek naar hem uit en zij lieten zich door hem dopen in de rivier, de Jordaan, terwijl zij hun zonden beleden. Maar toen hij vele Farizeeën en Sadduceeën zag ko­men om gedoopt te worden, sprak hij tot hen: ‘Adderengebroed, wie heeft u voorgespiegeld, dat ge de dreigende toorn kunt ontvluchten? Brengt liever vruchten voor die passen bij bekering, en neemt niet een houding aan alsof ge bij uzelf zegt: Wij hebben Abraham tot vader! Waarachtig, ik zeg u, dat God de macht bezit voor Abraham uit deze stenen kinderen te verwekken! Reeds ligt de bijl aan de wortel van de bomen. Elke boom dus die geen goede vrucht draagt, wordt omgekapt en in het vuur geworpen. Ik doop u met water, opdat ge u zoudt bekeren. Maar Hij die na mij komt, is sterker dan ik, en ik ben niet waardig Hem van zijn sandalen te ontdoen. Hij zal u dopen met de heilige Geest en met vuur. De wan heeft Hij in zijn hand en Hij zal zijn dorsvloer grondig zuiveren; zijn tarwe zal Hij in de schuur verzamelen, maar het kaf ver­branden in onblusbaar vuur’. 

Uitleg: 

Het thema van deze tweede zondag van de Advent is: ‘Innerlijke kracht’. De grootste kracht in een mens is de innerlijke kracht en niet de lichamelijke kracht. De lichamelijke kracht is het aan het lichaam meegegeven kracht, om op Aarde te kunnen functioneren. Maar de innerlijke kracht bestuurt en drijft de lichamelijke kracht aan om te handelen. Zonder de aansturing vanuit de ziel kan een lichaam helemaal niets. In de ziel huist de vrije wil van iedere mens en hij wordt door het geloof, die ieder mens heeft, in beweging gezet. Waar hij staat moet u ook zij lezen, lees dit naar uw eigen geslacht. Ja, ook atheïsten hebben een geloof; het valse geloof dat God niet bestaat. Het is een heidens geloof die, net als alle andere heidense geloven, uit gaat van valse uitgangspunten, die pure leugens zijn, die in werkelijkheid niet bestaan. Ook nu geloven vele mensen nog steeds in afgoden, die er helemaal niet zijn. Ook atheïsten geloven dat er een werkelijkheid is, waarin de Schepper van alles wat bestaat, Zelf niet zou bestaan, wat een pure leugen is vanuit de diepste hel. Wie zo misleid is – en deze misleiding vanuit zijn vrije wil als waarheid heeft aangenomen – bestuurt zijn lichaam vanuit zijn valse geloof en vanuit zijn vrije wil. Dan pleegt hij onvermijdelijk de ene zonde na de andere. Want waarom zich aan Gods Geboden houden, als het bestaan van de Gever van deze Geboden  wordt ontkent? En wanneer de Gever van deze Geboden niet zou bestaan, dan kan er toch gedaan worden wat de willekeur van de vrije wil ingeeft? Elke zonde en misdaad is dan zonder gevolgen, toch? Alleen aardse wetten doen er nog toe, maar als deze kunnen worden genegeerd, dan is toch alles mogelijk? En Satan maar lachen om deze dwaze mensen; want hoe zekerder zij zich vastklampen aan het niet bestaan van God, hoe zekerder zij eens een bewoner zullen zijn van zijn koninkrijk; de hel! Hun kans om een kind van God te worden is, bij het vasthouden van deze helse leer, zonder tot bekering te komen, voorgoed verdwenen. God wil graag dat elk mens Zijn kind wordt. God heeft ons mensen echter een vrije wil gegeven en God zal die nooit afnemen, van geen enkel mens. Wij mensen kunnen wel zelf ons leven in de hemel van ons afnemen, door onze vrije wil op de verkeerde manier te gebruiken, maar zitten die mensen dan in de hel, dan is het geheel hun eigen schuld en hebben zij niemand iets te verwijten, zelfs Satan niet. Want elke demon en duivel kan wel de leer influisteren dat God niet bestaat, maar het is de mens zelf die deze leer ofwel afwijst, ofwel aanneemt, want daartoe dient de vrije wil, namelijk om zelf te kiezen tussen waarheid en leugen. Wie voor de leugen kiest en daar hardnekkig en met alle kracht aan vast houdt, heeft zelf gekozen voor een eeuwig verblijf in de hel, waar geen spoor van liefde te vinden is. Liefde en leven is echter precies hetzelfde, het zijn de twee zijden van dezelfde medaille. Daarom is er in de hel geen liefde, maar ook geen leven te vinden. God is oneindig goed en liefdevol. Daarom kan ook een helbewoner ontsnappen uit de hel; de voorwaarde is wel dat hij dit zelf wil. Wat moet hij daarvoor doen? Zijn eigen zonden gaan verafschuwen en God om hulp vragen, met oprecht berouw en de wil om zich te verbeteren. Dan kan hij uit de hel komen en in het Vagevuur worden geplaatst, om de lange weg naar de hemel op de gaan. Maar let wel; omdat hij altijd de sporen van de hel in zich zal dragen, kan hij alleen in de onderste hemelen komen, maar nooit in de hoogste hemel, het hemelse Jeruzalem, waar God in Jezus Christus woont met al Zijn kinderen. Hij zal dus nooit een waar kind van God kunnen worden, maar altijd een schepsel blijven. Goed verzorgd, maar hij heeft voor altijd het ware kindschap van God verspeeld. Daarom is he beter om God reeds hier op Aarde te volgen en Zijn Geboden en Leer te leven, dus te doen, want dan is het hoogste wat een mens kan bereiken haalbaar; namelijk een waarachtig kind van God te worden en te zijn. In onze tijd komt de tijd van de grote schifting tussen de goede mensen, waar de hemel voor open staat, en de kwade, slechte mensen, die naar de hel worden gezonden, want de wederkomst van God in Jezus Christus is zeer nabij, reeds in dit decennium. Jezus Christus is immers de twijg, ontsproten aan de stronk van Isaï, die gedurende de afgelopen tweeduizend jaar vele vruchten heeft gedragen. Nu wij mensen opnieuw in een algemeen heidendom zijn vervallen, komt Hij weer op Aarde. Maar niet voordat Hij de Aarde gezuiverd heeft van alle mensen, die zich weigeren te bekeren. Zij zullen niet alleen lichamelijk sterven, maar ook geestelijk sterven, omdat zij naar de hel zullen gaan. Om zoveel mogelijk mensenzielen te redden voor het eeuwige leven, komt er nog een Grote Waarschuwing, waarin elk mens duidelijk wordt gemaakt hoe hij er in Gods ogen voorstaat. Wie zich dan alsnog bekeert, zal gered zijn voor het eeuwige leven. We zich koppig weigert te bekeren, mag dit betreuren in de hel, maar dan is het te laat. Alleen die mensen, die hun Vader in de hemel willen volgen in daden van geloof zullen gered zijn. Want wat eertijds werd opgeschreven in de Bijbel, werd opgetekend tot onze lering, opdat wij door de volharding en vertroosting die wij putten uit de Schrift, in hoop zouden leven. Wie dus Gods Woord in de Schrift verwerpt, verwerpt God. En terwijl God Zelf Mens is geworden in Jezus Christus om ons mensen Persoonlijk te leren hoe wij moeten leven, om een waar kind van God te worden. Hij heeft in Zijn Persoon de zonde van Adam en Eva goed gemaakt en de hemelpoort voor ieder mens geopend. Maar alleen als een mens daar zelf door naar binnen wil gaan; niemand wordt daartoe gedwongen. God is bezig Zijn wederkomst voor te bereiden in onze tijd. In de tijd dat God in Jezus Christus op Aarde wandelde, werd Zijn komst ook voorbereid door Johannes de Doper. Ook Johannes herkende die mensen, die niet kwamen om tot geloof te komen, zoals zijn meeste toehoorders, maar om redenen te vinden, waarmee zij hem onschadelijk konden maken. Vandaar dat hij de Farizeeërs en Sadduceeërs addergebroed noemde. Zij wilden zich niet bekeren, maar zochten manieren om Johannes onschadelijk te maken. Want zij hadden er last van dat degenen, die naar Johannes luisterden, hun eigen leugens en bedriegerijen niet meer geloofden en daarom minder gemakkelijk uit te plunderen waren. Johannes gaf hen wel aanwijzingen hoe zich te gedragen, wilden zij bij God horen, maar de geschiedenis leert dat zij gewoon doorgingen met hun verderfelijke praktijken. Hun vrije wil was zodanig met Satan verbonden, dat de meeste onder hen niet te bekeren waren. Ook in onze tijd zullen er vele mensen zijn, die vrijwillig voor de hel kiezen, omdat zij weigeren om in God in Jezus Christus te geloven en Zijn Leer te gaan doen. Zijn Leer van liefde zullen vele mensen, uit gedacht eigenbelang, afwijzen, waardoor zij verloren zullen gaan Diegenen die wel naar de Waarschuwing willen luisteren en de Leer van God in Jezus Christus zullen aannemen, die wacht eenmaal een eeuwig verblijf in de hemel. Wellicht ook in de woning van onze Vader, God in Jezus Christus, het hemelse Jeruzalem. Laten wij daarom vanaf heden leven als daadwerkelijke christenen en ervoor bidden dat wij elkaar dar allemaal mogen tegenkomen. 

Amen. 

Cor Huizer.









© Cor Huizer 2023
Ontwerp en hosting Maartens automatisering